Ik houd ervan om mensen een spiegel voor te houden

De 87 jarige in Boxtel woonachtige Frans van Beers staat voor een grote uitdaging. In november 2026 verdedigt hij in Houston zijn titel als wereldkampioen powerliften in de categorie 80-plus. Extreem? Zeker. Maar Frans leeft al tientallen jaren op een manier die velen als extreem zouden omschrijven. ‘Ik begin elke dag in een ton met 700 liter ijskoud water.’

Voordat we bij zijn nieuwste uitdaging in Amerika uitkomen, gaan we eerst even terug in de tijd. Als de jonge Frans zeventien jaar is, fietst hij meerdere keren per week vanuit Liempde naar Eindhoven om te boksen. ‘Eigenlijk ook om een beetje stoer te zijn’, zegt hij lachend. Daarna volgen verschillende vechtsporten elkaar op. Het moet steeds nieuw, uitdagender en beter. Het is het begin van een leven waarin de lat altijd nét iets hoger ligt.

Wedden dat…

Zoals zo vaak begint een bijzondere prestatie met een weddenschap, zo ook voor Frans. ‘Ik sprak iemand die de Nijmeegse Vierdaagse ging lopen’ legt hij uit. ‘Dertig kilometer zou ze volbrengen. Tijdens dat gesprek zei ik: “Dan doe ik wel vijftig kilometer.”

Veel mensen twijfelen of hem dat gaat lukken. Maar Frans, destijds in de vijftig, haalt het niet alleen, hij gaat direct een stap verder! ‘Vlak daarna was de Nacht van Someren. Daar wandel je tachtig kilometer door de nacht. Het leek me een mooie uitdaging. Vervolgens pakte ik ook de tachtig van Waalwijk mee. Dat alles bij elkaar vond ik prachtig: driehonderd kilometer in een paar weken tijd, terwijl anderen dachten dat de Nijmeegse Vierdaagse mij niet eens zou lukken.’

De eerste les is duidelijk: zeg nooit tegen Frans dat iets hem niet lukt. De tweede les: laat hem een bijzondere prestatie zien en hij wil weten of hij die zelf ook kan leveren, het liefst nog nét iets beter.

Verliefd op de bergen

Die mentaliteit brengt hem zo’n twintig jaar later naar de Mount Everest. Samen met zijn vrouw Monique klimt en wandelt hij zeventien dagen op grote hoogte. Hoewel Monique ernstig wordt geplaagd door hoogteziekte en haar situatie op een gegeven moment zorgelijk is, raakt Frans verkocht aan de bergsport. ‘Die situatie was inderdaad zorgelijk,’ blikt hij terug. ‘Maar toch heeft ze doorgezet en hebben we samen het doel behaald. Wij steunen en motiveren elkaar altijd in moeilijke situaties.’

Het klimmen smaakt naar meer en leidt uiteindelijk tot vier beklimmingen van de Kilimanjaro. ‘Of het bewijsdrang is? Ik zal het zeker niet laten om het aan anderen te vertellen, maar ik vind het vooral mooi om mijn grenzen te verleggen.’

Zijn eerste beklimming van de Kilimanjaro maakt hij samen met ‘The Iceman’ Wim Hof, die hij ontmoet tijdens een lezing in Amsterdam. ‘Ik was meteen enthousiast en vond zijn methode enorm interessant.’ 

De Wim Hof Methode is een populaire — en omstreden — methode die draait om het verbeteren van fysieke en mentale gezondheid. De methode combineert ademhalingsoefeningen, blootstelling aan kou en mentale focus. Het doel is meer energie, minder stress en een sterker immuunsysteem. Hoewel de claims niet wetenschappelijk zijn bewezen, wordt de methode wereldwijd door miljoenen mensen toegepast.

Frans volgde drie lesmodules om er echt bekwaam in te worden. De derde module werd afgesloten in Polen. Hij schetst een bijzondere ervaring. ‘Bij dertig graden onder nul lagen we, met alleen een zwembroek aan, in de sneeuw. We bezochten ijsgrotten en werden volop blootgesteld aan de kou. Dat voelde als een enorme overwinning.’

Gezond eten en bewegen

De methode speelt nog altijd een belangrijke rol in zijn dagelijks leven.
‘Elke dag om half zes stap ik buiten in een ton met 700 liter ijskoud water. Heerlijk om de dag zo te beginnen. Daarna eet ik gezond, zoveel mogelijk groenten uit eigen tuin. Dat is volgens mij veel gezonder dan veel van het bewerkte eten uit de supermarkt.’

We hoeven niet allemaal de Kilimanjaro te beklimmen of in een ton met ijswater te gaan zitten. Maar volgens Frans hebben mensen wel degelijk enige invloed op hoe zij ouder worden. ‘Ten eerste moet je geluk hebben. Maar áls je op je zeventigste nog gezond bent, houd dat dan zo of probeer het zelfs te verbeteren. Zeker met wat krachttraining. Echt, je kunt meer dan je denkt.’

Hij vervolgt, vriendelijk maar direct: ‘Ik denk ook dat het soms een kwestie is van niet willen. Krachttraining is enorm belangrijk. Maar dan hoor ik mensen zeggen dat ze daar te oud voor zijn of dat hun lichaam het niet meer aankan. Terwijl ik elke dag massages geef, een tuinbedrijf run, train en bijna 88 ben!’

Niets doen is opgeven

Volgens Frans is weinig bewegen omdat je ouder wordt een vorm van opgeven. 

Hij waarschuwt: ‘En hoe ouder je wordt, hoe sneller je dan achteruitgaat. Kijk naar wat kan en pas dan wat aan, zou ik zeggen.’ Als voorbeeld noemt hij zijn broer. ‘Hij is ook al in de tachtig en fietste vroeger veel op de racefiets. Dat doet hij nog steeds. Alleen heeft hij het iets aangepast. Bij een drukke oversteek stapt hij tegenwoordig af, terwijl hij vroeger gewoon over zijn schouder keek.’ Dat vindt Frans verstandig. ‘Je reactievermogen wordt nu eenmaal minder als je ouder wordt. Maar aanpassen is iets anders dan stoppen.’

Van sportschool naar wereldkampioen

De komende maanden staan volledig in het teken van de voorbereiding op het WK. Met een wereldtitel op zijn naam zou je verwachten dat Frans jarenlang ervaring heeft in de sport. Toch is dat niet zo. ‘Ik ben pas een paar jaar geleden begonnen. Mijn vrouw haalde me over om eens mee te gaan naar haar sportschool. Zij doet deze sport al langer. Omdat ik zelf sportinstructeur ben geweest, leek het me interessant om te kijken.’ Tijdens een van die eerste bezoeken vroeg een trainer wat Frans kon tillen. ‘Hij zag me bewegen en zei: “Jij kunt wereldkampioen worden.” Ik dacht: die man is gek. Maar ik nam de uitdaging natuurlijk aan. Na heel veel trainen en een speciaal voedingspatroon is het me toch gelukt.’

Heeft Frans tot slot nog een advies voor zeventigers die merken dat ze steeds minder bewegen?

‘Ja hoor: begin klein, maar begin in ieder geval. Van een paar kilo krijg je soms al spierpijn, haha. Maar zo bouw je wel kracht op.’

Daarnaast heeft hij een wens. ‘Ik denk dat er meer sportscholen speciaal voor 60-plussers zouden moeten komen. Met meer oudere begeleiders en leeftijdsgenoten om je heen. Dan wordt de stap naar de sportschool veel kleiner en voel je je sneller thuis.’

Zijn laatste boodschap is eigenlijk geen advies, zegt hij zelf. ‘Ik houd ervan om mensen een spiegel voor te houden en aan het denken te zetten. Aan zestigers vraag ik daarom vaak: “Wat doe jij met die veertig jaar die je nog hebt?”’

Hij glimlacht. ‘En ik heb niet het antwoord. Dat moet ieder mens zelf bepalen.’